20-03-2025: Teodora Ionescu heeft de afgelopen drie weken geresideerd in De Ruimte, een residentie die mede mogelijk is gemaakt door het Mondriaan Fonds en Stichting Rudolf H. Schmidt Fonds. Ik kom vlak voor het einde van haar residentie langs om te vragen naar wat ze heeft gedaan tijdens haar residentie en hoe ze deze heeft ervaren. Wil je meer beeld bij het verhaal? Check dan @deruimtedeventer op Instagram.
Teodora, kun je jezelf voorstellen?
“Ik ben Teodora Ionescu Traanman, geboren in Roemenië en al zo’n vijftien jaar woonachtig in Deventer. Dat is echt mijn thuis geworden. Ik heb zowel beeldende kunst als theater gestudeerd, en die twee disciplines komen samen in mijn werk. Mijn praktijk beweegt zich op het snijvlak van beeldende kunst en performance. In mijn werk staat beweging centraal – of dat nu een fysieke beweging is, een gebaar, of een innerlijke verschuiving.”
Je noemt jezelf beeldend kunstenaar en performer. Hoe verhouden die twee zich tot elkaar?
“Mijn basis ligt in het beeldende werk, maar het performatieve is daar later bij gekomen. Vaak maak ik live grote tekeningen op papier, waarbij beweging en geluid een belangrijke rol spelen—soms afzonderlijk, soms tegelijkertijd. Dit kan ook deel uitmaken van een video-installatie, waarin ik met mijn performance een extra laag toevoeg. Mijn werk is dus niet alleen iets om naar te kijken, maar ook iets om te ervaren”
Wat voor tekeningen maak je dan? En hoe maak je deze?
“Ik werk intuïtief. Meestal begin ik met een leeg vel papier, zonder schets of plan. Ik kies een geluid of een muziekstuk en zet dat op herhaling. Die auditieve prikkel vertaalt zich in gebaren die ik op het papier probeer te vangen. Het is geen dans, maar eerder een soort choreografie van lijnen. Mijn tekeningen zijn abstract en experimenteel, waarbij de spontaniteit van de bewegingen centraal staat.”
“Zo ontstaat er een soort schets en wanneer deze eerste fase klaar is, gaat het geluid of de muziek uit en ga ik echt kijken naar het ontstane werk en nadenken over hoe ik hier een autonome tekening van ga maken. Dus dan ga ik bijvoorbeeld pas naar de compositie kijken. Maar aan het begin denk ik dus echt nog niet na over wat ik ga tekenen, hoe de compositie moet zijn, wat goed is, wat slecht is en of het klopt. Het is een beweging, spontane lijnen op papier.”
Is de muziek dan eigenlijk wat de tekening maakt, in die zin? Heeft de muziek of het geluid heel veel invloed daarop?
“Ja, de muziek of het geluid heeft invloed op mijn beweging en die beweging ontvang ik op papier. Dit doe ik met houtskool, of soms met andere instrumenten, en ik denk dat het geluid in die zin altijd mijn bewegingen input geeft. Mijn bewegingen zijn soms explosief, soms meditatief, want hoe voel je geluid eigenlijk?”
Wanneer je live performed, is het werk dan volledig spontaan?
“Bijna altijd. Zeker als ik samenwerk met een muzikant. Dan reageer ik op zijn geluiden en ontstaat er ter plekke een wisselwerking. Er zit vaak een verhalende laag in de beweging, maar wat op papier overblijft is puur abstract. Een visueel spoor van een tijdelijk moment.”
“Soms werk ik ook met andere collega kunstenaars. Dan hebben we helemaal geen geluid, maar maken we met onze tekeningen, met het potlood, geluid. Dit geluid ontvangen wij met contactmicrofoons en versterken we en daar reageren wij dan opnieuw op: we horen het geluid van de tekening, en daar reageren we op terug- het is een soort sonische cirkel.”
Dat doe je dan live?
“Dat is inderdaad live, het publiek kan alles horen en alles zien, ook mijn ademhalingen, de voetstappen van mijn bewegingen en het krassen van het houtskool. Zo wordt tekenen een totaalervaring, bijna een choreografie van zintuigen.”
Hoe is het om dat live te delen met een publiek?
“Hiermee ben ik begonnen vanuit een nieuwsgierigheid die ik had: is wat ik zie, hetzelfde wat een ander ziet? Als kunstenaar ben ik heel dichtbij op mijn papier, ik teken, ik kan het papier voelen, ook hoor ik het geluid dat het houtskool maakt en ik maak ook zelf geluid met mijn bewegingen.”
“Elke tekening is eigenlijk een soort gebaar. Dat is een intiem proces tussen mijzelf als kunstenaar en het papier en dit is niet te zien voor iemand anders. Normaal ziet niemand dat proces, maar ik wil juist die kwetsbare fase zichtbaar maken. Alsof je via een vergrootglas meekijkt. Het publiek krijgt letterlijk toegang tot het ontstaan van een beeld.”
Heel cool, echt heel cool.
“Ja, ik denk dat de performances wel moeilijk zijn om uit te leggen, want ja, het is visueel, je moet het echt ervaren.”
Ik denk dat het ook iets is wat je een keer live moet zien om echt te begrijpen. Ik heb je performance gezien bij Kelderfest dus ik weet wat je bedoelt, maar ik denk dat het inderdaad lastig is om uit te leggen. Ik kan in ieder geval zeggen dat het super gaaf is, en dat gaat in het interview! Hoe lang doe je dit al?
“Ik ben begonnen in 2020, vlak voor de corona pandemie ben ik gestart met een onderzoek naar wat tekenen betekent voor mij: van die academische manier van tekenen naar iets anders, ging ik op zoek naar een vrijere, intuïtievere manier van werken. Ik maak niet alleen tekeningen, ik maak ook installaties van papier, installaties en videoprojecties. Daarnaast vind ik het ook heel interessant dat het publiek interactie kan hebben met mijn werk.”
Dus je maakt tekeningen, je maakt projecties en je maakt sculpturen?
“Ja, ik werk met papier in verschillende vormen en die sculpturen maak ik van papier, het zijn een soort 3D landschappen, installaties die heel klein zijn of juist heel groot.”
Waarom wilde je resideren in De Ruimte?
“Ik wilde graag hier resideren omdat ik de mogelijkheid om een andere ruimte te hebben dan mijn eigen atelier heel interessant vindt. Dit was dan ook een soort verplaatsing van mijn eigen atelier naar een openbare, nou ja, semi-openbare, ruimte. Door de locatie van De Ruimte maak je bijvoorbeeld sneller contact met de buitenwereld en dat is in het geval van mijn eigen atelier niet zo, ik werk alleen dus dat is erg gesloten. Ik houd van die intieme ruimte, maar hier was het totaal anders.”
En was dat goed?
“Anders was heel goed, ik kwam helemaal op nieuwe ideeën, echt helemaal los. Het is heel interessant hoe je eigen gedachten veranderen in een andere ruimte. Want ja, je komt onbekend in deze ruimte maar toch met een bepaald idee van wat ik hier wou doen. Maar de eerste dag kreeg ik echt het gevoel dat ik alles moest veranderen, omdat de ruimte zelf invloed heeft op wat ik maak. Het licht bijvoorbeeld – of eigenlijk het ontbreken daarvan was een uitdaging. Dat daagde me uit om op een andere manier te kijken.”
“Ik ben gefascineerd door schaduw en licht: een tekening is voor mij schaduw, licht en beweging. Meestal als ik in een nieuwe ruimte ben, kijk ik dan ook meteen naar hoe het licht daar is. De Ruimte heeft alleen de vitrine, heel gefilterd licht dat naar binnen komt, een paar schaduwen naast de deur, en verder helemaal niks. Dat vond ik wel een uitdaging maar ook een mooi iets om te onderzoeken.”
Hoe heb je dat gedaan?
“Nou ik ben echt begonnen bij de entree, door alles in de vitrine te arrangeren. Ik begon letterlijk door daar op te schrijven: ‘Teodora tekent!’. Door de voordeur te openen begon ook het contact met de buitenwereld, met mensen die binnen kwamen met vragen over wat ik hier doe. Het was bijna een soort performance in de vitrine, de straat was ook prachtig met dit zonnige weer en iedereen was buiten. Ja, ik kan je niet vertellen hoe, maar in drie dagen was ik echt thuis. Heel raar hoe dat gebeurt, maar daarvoor moest ik ook de potentie van de plek zien.”
Want wat heb je bereikt tijdens je residentie? Wat heb je allemaal gedaan?
“Mijn focus was tekenen maar elke week stond in het teken van een ander experiment De eerste week draaide om geluid: hoe klinkt een tekening? Hoe klinkt beweging? Ik wilde De Ruimte transformeren tot een laboratorium, een ontmoetingsplek, ook met andere collega kunstenaars.”
“Ik heb een stuk of 20 kunstenaars uitgenodigd, zij kwamen de eerste week hier en samen hebben we in twee sessies gewerkt aan een grote tekening. Het ging helemaal over experiment: er was geen aandacht voor compositie, geen aandacht voor hoe iets eruit ‘moet’ zien. Alles mocht. Ook ging het over beweging, dus hoe vang je een gebaar op een vel papier. En dit ging dan op dezelfde manier als dat ik werk, dus met verschillende soorten muziek, verschillende ritmes en verschillende sferen, of juist zonder muziek, en dat helemaal loslaten op het papier. De tekening werd een landschap,werd een partituur op een heel groot vel papier dat ging van de tafel tot op de vloer. Daarnaast hadden we verschillende materialen, van houtskool tot potloden en metalen stukjes, die ook geluid maakten. Dat was echt waanzinnig mooi.”
“Ik ben echt heel blij dat ik dat hier kon doen, want in mijn atelier, ik denk in elk atelier, liggen heel veel werken of projecten die nog niet af zijn. Dan kan je niet zomaar iedereen uitnodigen. Ook werk ik met houtskool dus ik maak heel veel stof, alles wordt zwart en vies en je moet dingen verschuiven of opruimen. Dus hier kwam ik echt gericht met het idee dat ik hier ga tekenen en dit wilde doen. Ik mocht hier met houtskool en poeder werken en alles mocht zwart worden dus ik ging helemaal los, en dat was echt waanzinnig fijn. Ik klink volgens mij super blij, maar ik kom uit een heel bijzonder jaar waarvan ik de helft niet heb kunnen maken, deze residentie is een soort van sleutel geweest van de deur terug naar mijn creativiteit.”
En was dat week één?
“Niet alleen dat, want wat ik zei, op een nieuwe locatie krijg je ook de input van de locatie zelf of van de straat en alles wat daar gebeurde was zo interessant: want wat gebeurt er buiten de ruimte? Dus ik had, met een collega kunstenaar (Lies Kortenhorst), een openbare interventie gedaan. Het was zo prachtig weer dus ik zei ‘we moeten naar buiten’, dus gingen we naar buiten zonder enig idee wat we daar gingen doen, we hadden geen plan. Eenmaal buiten waren de reflecties van de zon op de ramen die weer reflecteerde op de straat zelf al een prachtige tekening, dus gingen we buiten werken en hebben we echt contouren getekend van de reflecties op de straat.”
“De tweede week keerde ik wat meer terug naar mezelf. Ik was nog steeds bezig met alle input van ‘wat beweging is’ en ‘hoe hoor ik een tekening’ maar ik wilde ook onderzoeken hoe een beweging zich in een ruimte vertaalt. We laten immers voortdurend sporen achter, onzichtbare lijnen. Vanuit die gedachte begon ik met virtual reality te tekenen – met heel rudimentaire apparatuur, hoor! Maar juist dat maakte het interessant.”
“Hiermee was ik begonnen door wat Paul Klee zei over tekenen: ‘Een punt is een uitnodiging om te wandelen’. Dus ik dacht: ‘Hoe kan ik dat laten zien? Die punt die gaat wandelen in de ruimte’. Ik ben zelf gebruik gaan maken van de lege ruimte, ik had alles opgeruimd en ben gewoon echt gaan tekenen in de ruimte met mijn lichaam. Eigenlijk ontstond er dus niks zichtbaars, mensen dachten waarschijnlijk ‘wat is die persoon daar aan het doen’. Maar ja, dat was week twee, iets wat ik eigenlijk helemaal niet had bedacht om te doen, maar dat hier is ontstaan.”
“Nu, voor week drie, ben ik teruggekeerd naar het experiment. Ik vroeg me af: ‘Moet een tekening altijd door een mens worden gemaakt? Of kunnen schaduwen, toevallige lichtspelingen ook tekeningen zijn? Of kan een tekening ook accidenteel ontstaan?’. Ik denk bijvoorbeeld dat een schaduw op een vloer of een muur een tekening is van de zon.”
“De Ruimte heeft een invloed op wat ik hier deed, en nu wil ik de ruimte beïnvloeden, verstoren hoe het hier is. De Ruimte heeft weinig schaduwval… In mijn archief had ik videobeelden van schaduwen die een jaar lang door mijn eigen huis bewogen. Die projecteer ik nu in de ruimte, als een digitale tekening. Een soort antwoord op het licht dat hier ontbreekt.”
Wat ik ook heel interessant vind, wat je zegt met die punt die een wandeling maakt en wat je doet met VR, voor mij zijn jouw sculpturen en je anderen werken allemaal ook een beetje zo, dat begint volgens mij altijd met een punt en dat komt altijd in je werk terug.
“Ja dat klopt! Het gaat over lijnen en groeiende lijnen, eigenlijk. En ja, het kunnen bijvoorbeeld wortels zijn, maar het kan ook een spoor of een beweging zijn die je achterlaat.”
Ja, want ik heb ook een keer je projecties gezien, volgens mij bij Weerlicht, en dat was ook heel erg gericht op die lijnen en sporen.
“Ja precies, soms is het wel iets organischer, in het algemeen werk ik namelijk heel vloeibaar. Maar ik heb ook deze tekening gebruikt (Teodora wijst naar de tekening die achter haar hangt) als een soort begin voor lijnen die sprongen in de ruimte, dus ook met virtual reality, bijna als een soort sculptuur. Ik hoop dat ik verder kan met dit project want ik ben zo enthousiast over deze techniek.”
Wat ga je doen met het werk wat je hier hebt gemaakt of met het onderzoek wat je hebt gedaan?
“Het onderzoek ga ik zo veel mogelijk delen op mijn website en op mijn social media. Misschien dat ik het ooit echt zal uitbrengen als een publicatie. Daarnaast wil ik ook graag een fysieke tentoonstelling maken met een performance en professionele apparatuur waarmee ik echt dieper in kan gaan over wat je met virtual reality kan doen. Je kan er namelijk alle fases van een beweging mee zien, de sporen van de tekening die je maakt of ook juist de leegte, want als je kijkt zonder de hulp van de apparatuur zie je niets. Wat mij fascineert, is hoe je het onzichtbare, zichtbaar maakt – en dat wil ik aan een publiek laten ervaren.”
Zijn er op de korte termijn nog dingen die er aankomen?
“Ik ben momenteel in expositie bij Atelier Coma en op 30 maart hebben we een finissage met een performance waar we gaan tekenen op het geluid van de tekening. Daarnaast ga ik in september in residentie bij Museum Eicas, met collega-kunstenaars Jeroen Diepenmaat en Lies Kortenhorst die ook tijdens deze residentie hebben bijgedragen aan mijn onderzoek.”
Waar kunnen we het werk zien en waar kunnen we jou vinden?
“Mijn atelier is op de Beestenmarkt hier in Deventer, en online kun je mij vinden op mijn website, www.teodoraionescu.nl, of op Instagram @teodora_ionescu_traanman.”
Heb je nog tips voor de volgende residenten?
“Luister naar wat de ruimte waarin je bent te zeggen heeft. Of ja, ontdek wat hier is! Je komt met een project of idee van ‘dit ga ik hier doen’, maar de ruimte zelf heeft ook invloed op je, dus wees flexibel.”
Teodora Ionescu was de vijfde van de twaalf residenten die we in 2025 ontvangen in De Ruimte. Haar residentie werd mede mogelijk gemaakt door Stichting Rudolf H. Schmidtfonds en het Mondriaan Fonds. Naast dat de residenten de fysieke ruimte krijgen, geven wij ze ook online ruimte door samen het gesprek aan te gaan over de residentie. Wil je op de hoogte blijven van de residenties? Of wil je meer beeld bij het verhaal? Check dan @deruimtedeventer op Instagram!